Samenvatting van de literatuurstudie "Reculer pour mieux sauter". "Reculer pour mieux sauter" gaat over een grote groep slecht aan de moderne stad aangepaste Berberjongens (in de volksmond ‘Marokkanen’ genoemd). Opvoeding en taalontwikkeling staan centraal als twee belangrijke factoren die volgens de schrijver deze povere aanpassing bepalen.
Alweer decennialang onderschatten de Nederlandse onderwijsbeleidsmakers schromelijk de relatie tussen het taalpotentieel van de mens en haar samenhang met de zogeheten "kritieke periode voor taal" gedurende de eerste twee levensjaren. Het gaat om een biologische wetmatigheid.
Als deze baby/peutertijd onvoldoende met taalinteractie wordt gevuld -bij dove kinderen bijvoorbeeld kan dat niet anders- dan blijft de "taalschuur" voor de rest van het leven uiterst klein. Het gaat om een onomkeerbaar proces. Stimulatie daarna brengt weinig verbetering.
Berberjongens worden als baby/peuter nauwelijks actief met taal benaderd en daarna al heel vroeg door de straat opgevoed. Dit geheel in tegenstelling tot Berbermeisjes. Zij worden thuis wxe8l actief met taal benaderd gedurende deze zo belangrijke jaren. Bovendien hebben meisjes meer aanleg voor taal, waardoor zij dubbel in het voordeel zijn vergeleken met de jongens. Zij zullen de jongens daardoor flink overvleugelen in taalontwikkeling, iets dat vroeg of laat niet zonder gevolgen kan blijven voor de man/vrouwverhouding bij de Berberbevolking.
*************************************************
Zeer veel jongens zullen het daardoor hun leven lang moeten doen met zo’n minimale taalschat -ook in hun Berberdialect- dat zij geen taalachterstand hebben zoals beleidsmakers denken, maar daarentegen een ernstige taalhandicap.
Met als gevolg zwakke abstracte denkvermogens, slecht kunnen plannen, beperkte uitsteltolerantie en onbegrip voor ieder fijnmazig netwerk van sociale normen en waarden, vooral het westerse. Hun ‘streetsmarte’ luidruchtigheid suggereert meer, waardoor zij vaak in een te hooggegrepen onderwijssoort terecht komen met extra onnodig schooluitval als gevolg.
Analyse van het zogenaamde "rappen" van Berberidolen bijvoorbeeld laat al zien dat het eerder om ritme, geluid en show gaat dan om betekenisvolle taaluitingen. Rijmwoorden werden slechts aan elkaar gelijmd met behulp van een rijmwoordenboek.
Met taalhandicap als beginpunt, gevoelens van gediscrimineerd worden, spijbelen en criminaliteit als eindpunten. Er ligt zo bovendien voorspelbaar een tijdbom onder de man-vrouwverhouding bij de in het Westen wonende Marokkanen.
De (analfabete) moeders van deze jongens lossen deze culturele schande vaak op door analfabete bruiden uit Marokko te importeren. Maatschappelijk verlies van aanzien van haar zoons wordt zo gemaskeerd. En zij vestigt bovendien gemakkelijk haar macht over de aan haar persoon horigheid verschuldigde harem van schoondochters. Iets dat met Nederlands-Marrokkaanse schoondochters niet licht zou lukken. Voordelig voor moeder xe8n zoon. Het zelfde speelt bij Turkse jongens van analfabete moeders. Maar ook Hindoestaanse moeders kiezen hun schoondochters uit voor hun jongens.
*************************************************
*************************************************
In het artikel wordt een middellange-termijn beleid voor 6 tot 20 jarige jongens bepleit, niet langer gericht op maximalisering van de taalverwerving (‘Reculer’), maar op capaciteiten die wxe8l aanwezig zijn zoals die voor handwerk en techniek (‘mieux sauter’).
Daarentegen zou het beleid voor baby- en peuterjongens juist wxe8l op ontwikkeling van taal en spel gericht moeten worden, zodat zij van meet af aan een veel betere maatschappelijke uitgangspositie krijgen (‘mieux sauter’).
Voorgesteld wordt gedurende een periode van ongeveer 15 jaar een voorrangsbeleid in te stellen voor verplicht crxe8che- en peuterspeelzaalbezoek voor kleine Marokkaantjes, waarin ouders meeparticiperen bij wijze van leerschool.
Zo leren deze ouders tijdig de taalcapaciteit van hun zonen op te voeren tot voor westelijke samenlevingen noodzakelijk niveau. Pas dxe0n wordt de kraan dichtgedraaid voor de maatschappelijke mislukking van deze jongens.
Hoewel er veel ontwikkelingsparallelen lopen met Antilliaanse jongens, komen deze in deze studie niet aan de orde.
Het complete artikel, voorzien van een uitgebreide literatuurlijst, kan worden aangeklikt linksmidden.